De eerste keer dat ik een spoken wordperformance zag was bij de inauguratie van president Joe Biden (20 januari 2021). Amanda Gorman droeg een gedicht voor, dat geschreven was om voorgedragen te worden – eerder dan dat het rustig gelezen werd.The Hill We Climb is bijna een pamflet, het gaat over strijd en hoop, over onderdrukking en er niet onderdoor gaan:
“Wij, lotgenoten in een land en een tijd
Waar een dun Zwart meisje,
Afstammend van tot slaaf gemaakten en
opgevoed door een alleenstaande moeder,
Ervan kan dromen president te worden,
Om er uiteindelijk voor één te mogen
voordragen.” (19)
Langzaamaan begin ik te begrijpen waar spoken word voor staat: het is performatieve poëzie waarbij de nadruk ligt op de manier waarop de woorden worden uitgesproken. Het combineert poëzie, storytelling en ritme, vaak met een krachtige emotionele lading. Het zit dicht aan tegen hiphop, slam poetry en theater. “Spoken word is de kunst om de woorden van het papier te halen en tot leven te brengen,” schrijft Babs Gons, die in 2019 een bloemlezing samenstelde van spoken word in Nederland. “Spoken word is bam, in your face. Direct verstaanbaar gericht op publiek, op de toehoorders. Spoken word gaat verder dan traditionele voordrachtspoëzie in die zin dat het vaak een ware show betreft, waar niet alleen tekst, maar ook ritme, tempo, muziek, bewegingen, intonatie en interactie met het publiek een rol in spelen.” (Hardop, 009)
Van Babs Gons las ik de bundel Doe het toch maar uit 2021. Ik ben een lezer van poëzie en moet dus mijn verwachting aanpassen. Daarom eerst een voorbeeld van de performance van Babs Gons: polyglot (ook opgenomen in genoemde bundel)
Tegen een donkere achtergrond treedt de dichteres naar voren, in de spotlight. Zij draagt een rode broekpakcombinatie op een zwart shirt. Haar gezicht s gevat in diepe schaduw van breed en hoog kroezend haar. De nagels zijn gelakt, de armband om de linker pols is fors en de strik in het midden vraagt echt even mijn aandacht.
ik leerde de ene taal na de andere
die van de nette kleren
die iets van je huid compenseren
van de woorden verzorgd tot in de puntjes
die je iets lijken te vergeven
Het gedicht Polyglot begint met een krachtige verkenning van identiteit, taal en zelfexpressie. De ik-figuur reflecteert op de verschillende ‘talen’ die ze heeft moeten leren om zich aan te passen aan diverse sociale contexten.
de taal van opgeheven hoofd en rechte rug
en net doen alsof
niemand je kan raken
de taal van wie denkt ze wel niet dat ze is
wie denk ik wel niet dat ik ben
De uiterlijke verschijning van de dichter past bij wat ze zegt. Verzorgde taal is wat zij bezigt. Deze talen zijn metaforisch en verwijzen naar gedragingen en aanpassingen die nodig zijn om geaccepteerd te worden in een maatschappij die vaak oordeelt op basis van uiterlijk en achtergrond. Haar armen en handen doen volop mee, uitwijkend, binnenhalend.
de taal van hou van mij ondanks dit lichaam
de taal van hou van mij dankzij dit lichaam
van haal je vingers uit mijn haar
alleen de wind mag erdoorheen
haal je vingers uit mijn mond
ik draag mijn tong in mijn borst
Intussen begint de camera langzaam in te zoomen. Meer en meer is de focus op haar gezicht, de sprekende mond.
de taal die de mond scheidt van het hart
het hart van het bloed
het bloed van de botten
archiefkasten met verloren verhaallijnen
waarin je soms in de weerklank
van een verre voorouder
jezelf ontmoet
de taal die je ziel terug naar huis zingt
de taal zo kaal
dat ze je niets geeft om mee te bedekken
maar het liefste is me
de taal die me zo blootlegt
als mijn huid maar toelaat
Aan het slot zijn we bijna op de huid gekomen. Close-up van het gezicht van Gons alsof zij zich wil blootgeven. Taal is een instrument om vooroordelen mee te verminderen. Ze staat er en spreekt met zelfvertrouwen. Je proeft verlangen naar een taal die haar authentiek blootlegt, zonder maskers of aanpassingen. Ik denk dat zij mij als publiek wil meenemen in haar ervaring van zelfontdekking en bewust wil maken van de complexiteit van identiteit in een diverse samenleving.
Naar aanleiding van: Babs Gons, Doe het toch maar.10 Antwerpen/Amsterdam: Atlas/Contact 2024. Eerste druk 2021. Klik hier voor haar persoonlijke website.
Hardop: Spoken word in Nederland, samengesteld door Babs Gons. Amsterdam/Antwerpen: Atlas/Contact, 2019.
Amanda Gorman, The Hill We Climb, vertaald door Zaïre Krieger, met een voorwoord door Oprah Winfrey. Amsterdam: Meulenhoff, 2021. Klik hier voor haar optreden.



Doe het toch maar II
Ode aan strijders
doe het toch maar
zeg dat maar tegen jezelf op die momenten
dat je niet meer weet waarvoor je het doet
waarom je telkens weer uit protest de straat op gaat
je keer op keer het gesprek aangaat
je wilt mengen in het debat
om het te benomen
aan te kaarten
te strijden
Doe het toch maar, 40