Bedrieglijke vrede

Vrede
is kwetsbaar
op een luchtbed liggen,
dobberend in zee.
In het water,
kijk maar goed,
geen haaien,
maar dartelende dolfijnen.
En in de lucht,
kijk maar goed,
geen bommenwerpers,
maar gekscherende
vogels.

Om vredig op een luchtbed te liggen, moet je er eerst op zien te komen. Dat is nog een hele kunst, vind ik. Vanuit het water erop klimmen is al wat, maar vanaf de kant op een luchtbed stappen en dan niet nat worden… Het is een moment van concentreren. Maar lig je eenmaal, ja, dan kan een beetje dobberen je een heel vredig gevoel geven. Theo Olthuis weet het in de eerste zin treffend te zeggen: vergis je niet, beste dobberaar, het is een kwetsbaar bestaan.

Olthuis heeft veel gedichten geschreven voor kinderen. Maar als zo vaak, ook volwassenen zijn gediend met zulke schijnbaar eenvoudige poëzie. Hij weet namelijk met een eenvoudig literair middel een extra laag aan te brengen: de herhaling.
Aan de oppervlakte komen we snel mee in het plaatje: vrede is een leven met zichtbare vriendelijkheid om je heen: dartelende dolfijnen onder je en gekscherende vogels boven je. Maar, let op, Olthuis zegt twee keer: ‘kijk maar goed’.  Dat is niet voor niets. Je weet dat in het water ook haaien kunnen zwemmen en die hebben geen boodschap aan vriendelijkheid. In de lucht kunnen vliegtuigen aankomen die bommen laten vallen en je hele leven aan gort gooien. Als je goed moet kijken, dan betekent dat ook dat je je vergissen kan: zijn het werkelijk dolfijnen? Zijn het werkelijk vogels in de lucht? En als het goede nieuws waar is, laat het goed tot je doordringen hoe bijzonder dat is, vrede. Kijk maar goed.

Ik zit ook nog even te peinzen over het bijvoeglijke naamwoord gekscherend. Het is het parallelwoord naast dartelend. Dat dartelen heeft iets weerloos. Je speelt onschuldig je spel. Gekscherend staat ook voor vriendelijke plagerij “Dat wordt wel een uitdaging voor jou,” zei hij gekscherend tegen zijn vriend die nog nooit had gekookt. Of: “Ze maakte gekscherend een opmerking over zijn nieuwe kapsel, waardoor iedereen begon te lachen.” Het duidt op iemand die iets zegt met een knipoog, niet helemaal serieus, maar wel goedaardig.
Hier is het ook een dichterlijke woordspeling. Want vogels kunnen metterdaad langs scheren, denk aan zwaluwen. Maar als boven de dobberende mensen de vogels ‘gekscherend’ vliegen, dan kan het zijn dat ze de aandacht willen vragen voor dat zo leuk dobberen op het water. Het is gek eigenlijk – wie garandeert dat je binnen een paar jaar niet in een oorlogsgebied woont? En wat meer is: besef je dat een paar landen verderop dat oorlogsgebied realiteit is? Kijk maar goed naar de dolfijnen en vogels in jouw leven. Want elders zwemmen de haaien en vliegen de bommenwerpers over. Zo zeldzaam is vrede.


Naar aanleiding van: Theo Olthuis, ‘Vrede’ in Idem, Het geluid van vrede. Amsterdam: Ploegsma, 1992. Voor meer informatie, klik hier.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *