Verhalen verhalen

Wij zijn opgenomen in een verhaal dat zich al eeuwenlang uitspreekt in het leven van mensen. Het gaat over God, Jezus en de heilige Geest, aanwezig onder ons. Wij vertellen verhalen over onze praktijk als volgelingen van deze God en Heer. Zo creëren wij verhalend een volgend deel. Jezus’ gezant Paulus leerde de christelijke gemeente om het leven te zien als het voortzetten van het verhaal: “Dus altijd wanneer u dit brood eet en uit de beker drinkt, verkondigt u de dood van de Heer, totdat hij komt.” (1 Korinte 11,26)
Jezus typeerde het bij de instelling van de maaltijd als ‘gedachtenis’. “Doe dit, telkens opnieuw, om mij te gedenken.” (Lukas 22,19) “Gedenken is praxis,” schrijft Van de Beek in zijn studie over de eschatologie. “Zij [de gemeente] heeft het oude leven afgelegd. Zij is door de doop gestorven aan de wereld. In het gedenken van de dood van Christus leeft zij dat. … Dat uit zich in de dagelijkse praxis van zorg voor elkaar, geduld en liefde.” (340)

 

Ik las het mooie boek The Home We Build together (2007) van de Britse rabbijn Jonathan Sacks. Hij wees me op de waarde van het verhaal: “The prophets of Israel were the first to see God not just in nature but in historical events and to see history itself as a story, a narrative. Yet biblical Hebrew has no word for history. When de language was revived in the nineteenth century, a word had to be borrowed from somewhere else. So history in Hebrew became historiah. In its place, the Bible uses a significantly different word: Zakhor, ‘remember’.” (115) Historie is de geschiedenis van iemand anders, legt de rabbijn uit. Het gaat over gebeurtenissen die ergens anders plaatsvonden, in een andere tijd. Herinnering is mijn verhaal. Herinnering gaat over identiteit. “Memory is the most powerful form through which group identity is formed and sustained across the generations. We are the story we tell about ourselves.” (116) Het is niet een kwestie van het lezen van teksten, het leren van feiten, herinneren van data. Het is een kwestie van het vertellen van het bepaalde verhaal als je eigen verhaal. “Covenantal societies have their constitutive narratives, stories of early beginnings, hopes, dreams, visions, prophets, heroes, battles fought, victories won, defeats, backslidings and rededications. Usually the story is in the form of a journey, actual or metaphorical: from slavery to freedom, or death to rebirth, or sin to salvation. Story-telling is how covenant is renewed.” (117)

 

Dat helpt bij het lezen van 1 en 2 Kronieken. De Kronist wil een nieuwe generatie focus bieden. Concentratie op de tempel. Het Judese koningschap is vacant, maar de tempel staat. De offers worden door priesters en Levieten gebracht en zó is God koning in hun midden. Zoals het ooit begon in de woestijntijd, zonder koning uit eigen midden, zo is het nu weer. Dankzij het decreet van de Pers (!) Cyrus, de gezalfde (!) in Gods naam.
De Kronist ‘gedenkt’ en laat gedenken en zet aan tot leven, gelovig in actie, in afwachting van de komst van de Heer zelf, zoals de profeten in zijn tijd melden (Maleachi). Wie zijn wij, vragen de teruggekeerde ballingen zich af. Wel, jullie schrijven geschiedenis , poneert de Kroniekenschrijver, geschiedenis die begon bij Adam (1 Kronieken 1,1) en die jullie terugbracht door Cyrus besluit (2 Kronieken 36,22-23). Nu zijn jullie aan de beurt. De tempel is het concentratiepunt voor de teruggekeerden, maar ook voor allen die bleven in Babylon. De liturgie leert je spontaan en professioneel zingen over Gods koningschap over allen, ook de Samaritanen en andere opponenten. David en Salomo mag je onthouden als rolmodellen voor een gehoorzaam leven. Zo leer je je prioriteiten stellen. Zo word je een voorbeeld voor anderen. Zo creëer je samenhang in diversiteit. Het gaat om de tempel, dat is de Heer, verzoenend in ons midden.

 

Een geloofsgemeenschap begrijpt zichzelf door de verhalen die zij vertelt. De communicatie tussen de leden onderling gaat vaak via verhalen. En de verhalen verhouden zich ook tot de grotere contextverhalen, van de samenleving. Deze drie punten noemt James F. Hopewell in Congregation: Stories en Structures als de functie van verhalen voor gemeenten. (46) Aansluitend bij dat laatste, de plek in de samenleving: als wij Gods daden ‘gedenken’, zal onze levenspraktijk daar tonen wie we zijn.

 

Helemaal boeiend wordt het als we zien dat het werkwoord ook op God van toepassing is. De misdadiger aan het kruis vraagt aan Jezus om hem te ‘gedenken’ als Hij in het paradijs komt (Lukas 23,32). God hoorde het gekerm van zijn volk in Egyptische slavernij en ‘gedacht’ zijn verbond met Abraham, Izak en Jakob. (Exodus 2,24) “Of het nu over de Here God gaat die ons gedenkt of om onze gedachtenis van Hem – bij het Avondmaal bijvoorbeeld – of van elkaar in de voorbede, het gaat steeds om hetzelfde: in de Bijbel is de volle betekenis van het woord aan de orde. In het gedenken gaat het om een actualisering: de ‘verre’ dingen van de Bijbel worden door het gedenken dichterbij gehaald,” schrijft drs. Henk de Jong in het Woordenboek voor bijbellezers. (166) In Kronieken lees je de oproep aan mensen om God te gedenken (1 Kronieken 16,12 en 15), maar ook de bede tot God: “Heer, mijn God, wijs uw gezalfde niet af, gedenk de trouw van uw dienaar David.” (2 Kronieken 6,12)

 

Opnieuw een reden om bij de boeken Kronieken uit de buurt te blijven van de vraag ‘wat is er precies gebeurd in het verleden en geeft de tekst daarvan een accuraat verslag?’ De verhalen zijn niet met dat doel geschreven. Deze vraag is beter: ‘wat wil dit verhaal ons leren te gedenken en welke levenspraktijk volgt daaruit voor vandaag?’ Als wij daarop een antwoord vinden dan heeft de tekst zijn werk gedaan. De dagtaak is vervolgens het verder bouwen aan het huis voor de Heer, het huis met levende stenen. Het verhaal vertelt zich dan vanzelf verder.

 

Naar aanleiding van: Jonathan Sacks, The Home We Build Together: Recreating Society. London: Bloomsbury, 2007

 

Dr. A. van de Beek, God doet recht: Eschatologie als christologie. Zoetermeer: Meinema, 2008

 

James F. Hopewell, Congregation: Stories en Structures. Philadelphia: Fortress Press, 1987

 

Woordenboek voor Bijbellezers. Onder redactie van dr. A. Noordegraaf, dr. G. Kwakkel, dr. S. Paas, dr. H.G.L. Peels, dr. A.W. Zwiep. Zoetermeer: Boekencentrum, 2005