Wie wachten je op in de hemel?

 “It is because the human spirit knows, deep down, that all lives intersect. That death doesn’t just take someone, it misses someone else, and in the small distance between being taken and being missed, lives are changed”

 

Mitch Albom, The five people you meet in Heaven, 50

 

Ik hoop dat Mitch Albom de zesde is die ik ontmoeten zal als ik de hemel binnenloop (even aangenomen dat de Almachtige zo genadig is mij toe te laten). Ik ga hem bedanken voor het mooie boek The five people you meet in Heaven (2003). Het is een mild boek over gewone mensen, dat acht ik al een kunst op zich. Albom beoefent die kunst ook in het boek dat ik eerder van hem las: Have a little Faith (2009). Hij kan mensen trefzeker neerzetten en vooral ook gewoon. Niet extreem of karikatuur, mensen zoals je ze tegenkomt in je straat of familie. Of mensen zoals je die ziet bij het EO-programma Het Familiediner: ordinary people die unfinished business hebben en daar soms jaren over heen laten gaan voordat er een poging wordt gedaan om te vergeven en te verzoenen.

 

Eddie is zo’n man. Hij werkt bij een pretpark op de Ruby-pier aan zee. Hij is oorlogsveteraan, en heeft een lastige verhouding met zijn vader. Zijn huwelijk met Marguerite blijft kinderloos en echt naar zijn zin in het werk heeft hij het niet. Het boek begint op de laatste dag van zijn leven. Bij één van de attracties op de pier gaat het mis. Een klein kind dreigt verpletterd te worden door een vallende kar en Eddie springt ervoor. Hij arriveert in de hemel, na drieëntachtig jaar leven op aarde. Het is echter volstrekt niet wat hij dacht (en wij met hem). Hij vindt zichzelf terug op de Ruby-pier, alleen het fysieke ongemak van een trekkend been (cadeau van de oorlog) blijkt opgelost. Het decor is bekend en vreemd tegelijk en even later bevindt hij zich bij de eerste persoon die hem wat te vertellen heeft. De Blauwe Man, een kermisattractie uit de eerste jaren van het pretpark. Deze man maakt hem duidelijk hoe hun levensgeschiedenissen met elkaar verbonden waren.

 

Dit spreekt me aan. Ik ben het laatste jaar veel bezig geweest met de dood. In oktober 2013 overleed Arie van der Lugt, mijn vader, God hebbe zijn ziel. In juli 2014 overleed mijn schoonvader, vrede zij met hem. Deze levens zijn intens met die van mij verbonden, dat ben ik mij zeer bewust. Zo kan ik er nog handenvol bij name noemen. Maar hoevelen zijn er niet die iets van mij onthouden hebben, terwijl ik het en hen alweer vergeten ben? Weten alle mensen die in mijn herinnering en emotie meegaan, wel wat zij hebben betekend in mijn leven, ten goede of ten kwade? Soms wil je weten wat een ander bedoeld heeft met zijn of haar opmerking, maar je kunt het niet meer vragen. Zeker niet als iemand overleden is. Ik denk dat maar weinig mensen zonder vragen of rafels sterven.

 

Benedictus XVI, de paus in ruste, leerde mij in zijn boek over dood en eeuwig leven dat de mens geen ‘gesloten monade’ is, maar in liefde en haat op anderen betrokken. Zo leef je in hen. “…zijn eigen leven is in de anderen aanwezig als schuld of genade” (p.209). Wanneer anderen een mens zegenen of vervloeken, hem vergeven of in liefde zijn schuld omvormen, maakt dat deel uit van zijn bestemming. Wie aankomt bij de Heer wordt door Hem omgevormd met het oog op het samenleven dat komen gaat als de aarde gereinigd is en wij allen terugkeren. Die reiniging hebben wij nodig. De paus maakt voor mij aannemelijk dat het vuur waarover de heilige apostel Paulus spreekt in 1 Korinte 3,15 niets anders is dan de Heer in zijn zuiverende werk. Ik stel me dat voor: de Heer neemt de tijd voor me om al mijn vragen te beantwoorden. Tegelijk maakt Hij mij glashelder wat Hij nog aan zaken bij mij ziet die de eeuwigheid niet in kunnen. Het zal volkomen terecht zijn, want in Hem is geen onrecht. Ik vertrouw het Hem ook toe, want zijn liefde heeft Hij me voldoende bewezen.

 

Er moet wat met ons gebeuren na de dood, willen we klaar zijn voor het harmonieuze samenleven dat de bedoeling is op de nieuwe aarde. Mitch Albom doet ons de suggestie aan de hand dat je na de dood eerst eens met vijf mensen in gesprek komt die je uitleg geven over hoe het op aarde nu allemaal in elkaar stak. De legerofficier vertelt Eddie dat elk leven draait om het brengen van offers. Ruby, de vrouw naar wie de pier ooit werd genoemd, spreekt met hem over vergeving. Het zijn de thema’s waarvan je verwacht dat zij inderdaad aan de orde komen in de sfeer van God. Ik geloof dat ik het nodig heb. Dus ben ik maar gaan verzinnen wie er straks op mij zitten te wachten. En aan wie zal ik iets moeten uitleggen als ik eenmaal daar ben aanbeland?

 

Naar aanleiding van:

 

Mitch Albom, The five people you meet in Heaven, Litle Brown, Londen, 2003. Vertaald als: Vijf ontmoetingen in de hemel.

 

Mitch Albom, Have a little faith A true story Litle Brown, Londen, 2009. Vertaald als: Heb vertrouwen, een ontroerend verhaal over de troost van het geloof.

 

Joseph Ratzinger Benedictus XVI, Over dood en eeuwig leven, Lannoo, Tielt, 2009.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *