Wie verandert mijn bestemming?

Rokuemon Hasekura is een samurai. Samen met zijn vrouw, kinderen, oom en enkele knechten leidt hij een onbeduidend boerenleven in het Japan van de 16e eeuw. Totdat de Raad van Oudsten hem uitzendt als een van de gezanten om handelscontacten te leggen met het christelijke Nueva España, het Mexico van die tijd. Lord Velasco is een franciscaner missionaris die meereist. Met een eigen agenda, de samurai zal dat gaandeweg ontdekken. Wat is van deze reis de reden? dat is de vraag in het begin van het boek. Wat is mijn bestemming? dat is de vraag van de samurai aan het einde. Veel mensen hebben onderweg grote invloed op Hasekura. Beslissend blijkt ten slotte ‘die man’.

 

“That man was trying to alter the samurai’s destiny.” (234) Die man, de afstand is duidelijk. De samurai moet tegen wil en dank mee op een reis die hem behalve in Nueva España ook naar Spanje en het Vaticaan in Rome voert. Hij komt naast de pater bekeerde Mexicaanse indianen tegen, hij bezoekt kloosters en paleizen. Steeds komt hij die man tegen, die uitgemergelde man aan het kruis, hoofd gebogen, dood.

 

“That man they had been forced to look at every day and every night in each and every village, in each and every monastery they visited on their long journey. He had never believed in that man. He had never any desire to worship that man. Yet all the unpleasantness he was being subjected to now was on account of that man. That man was trying to alter the samurai’s destiny.” (234)

 

Maar op een of andere manier merkt de samurai hoe hij veranderd wordt. Zijn loyaliteiten verschuiven. Vanzelfsprekend waren dat voor de samurai zijn voorgeslacht, zijn familie, zijn overheid en niet te vergeten zijn akkers. Als het nodig is voor het slagen van de reis, in opdracht van de heren van het land, dan wil de samurai zich wel bekeren tot het christelijk geloof, gewoon voor de vorm, met behoud van innerlijke tegenzin. Maar op een of andere manier begint hij te snappen dat zijn persoonlijke ervaringen met vernederingen en manipulaties lijken op de ervaringen van die uitgerangeerde Christus aan het kruis.

 

“Again the samurai closed his eyes and pictured the man who had peered down at him each night from the walls of his rooms in Nueva España and España. For some reason he did not feel the same contempt for him he felt before. In fact he seemed as though that wretched man was much like himself as he sat abstractedly beside the hearth.” (242)

 

Terug in Japan wordt zijn bekering-voor-de-vorm tegen hem gebruikt. Het klimaat is omgeslagen. Christenen worden intussen vervolgd in zijn land. Het lukt hem niet om het geloof geloofwaardig af te zweren en een gerespecteerde plaats in de samenleving terug te krijgen. Deze lange reis gaat zijn bestemming veranderen.

 

“What the samurai had seen was not many lands, the many nations, the many cities, but the desperate karma of man. And above the karma of man hung that ugly, emaciated figure with his arms and legs nailed to the cross, and his head dangling limply down.” (246)

 

Het wanhopige karma van de mens. Niet alleen samurai’s allerindividueelste zelf (hoe geweldig afwezig is overigens het westerse individu in deze roman), maar van de mensheid. De lijdende en gestorven Christus heeft die bestemming veranderd. Vanaf het kruis regeert de Heer. De Heer?

 

“It occurred to the samurai that in foreign lands that man was called ‘Lord’, but he had never been able to understand why. All he knew was that destiny had brought him together not with any king of this world, but only with a man who was much like the vagabonds who sometimes came begging in the marshlands.” (258).

 

Rokuemon Hasekura wordt ter dood veroordeeld. Zijn dienaar Yozō heeft hem vergezeld op zijn lange reis. Hij deelde de ervaringen van de samurai. Deze dienaar is tot op het laatst bij hem en geeft de beslissende, vertroostende woorden mee:

 

“Suddenly he heard Yozō’s strained voice behind him.
‘From now on… He will attend you.’
The samurai stopped, looked back, nodded his head emphatically. Then he set off down the cold, glistening corridor towards the end of his journey.” (262).

 

Ik las een zeldzaam indrukwekkende roman.

 

Naar aanleiding van: Shusaku Endo, The Samurai. London: Peter Owen Publishers, [1982] 2004. English translation: Van C. Gessel.

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *